De Dagboeken                                        1961

Het Dagboek ligt stil tot op 20 feb. waar de draad weer opgepakt wordt. Maandag 20 feb. 1961. De eerste luitenant Faas heeft mij de grote eer doen toekomen om, als het schrijven in dit boek hem af en toe moeilijk valt, hem te behulpzaam te mogen zijn door het schrijven voor ‘n tijdje van hem over te nemen. Schrijver dezes is de tijdschrijver Ops 306, korporaal de Pree. Onze color state bleef de hele dag “red” door de vrij dichte mist die om en de hangar hing. ’s Morgens was er voor de vliegers een lecture over vliegtuigherkenning, waarmee ’s middags doorgegaan werd. Hierna volgde een test over het besprokene. Tegen vier uur gingen enkele enthousiastelingen basketballen in de hangar. Er is geen nachtgevlogen. Dinsdag 21 feb. 1961. De dag begon weer mistig, zoals de laatste dagen steeds het geval is. Om 10:00 uur werd er met tankherkenning begonnen, dit  duurde tot half 12. ’s Middags kreeg ook 306 bezoek van de RAF group captain, om voor 2TOC een inspectie te houden. Iedereen had voor deze gelegenheid vóór-gegeten, dus kwam de captain pas om 14:00 op het squadron. Woensdag 22 feb. 1961. Om 09:00 uur kwam de zon door de mist en even later ging de eerste kist er al uit. Zoals geplanned ging om 2 uur ’s middags de GCA, US en waren alle kisten aan de grond. Daarna werd er gesport, door een paar vliegers werden proeven voor de 5 kamp afgelegd. Om de caravan van de GLO zwermden vanmiddag op een gegeven ogenblik 6 Pipers die zoveel mogelijk doorstarts schenen te wilden maken. Waarschijnlijk hadden ze exercise “Circus Renz”. (volgens een met een volleybal voetballende vlieger) Uit de caravan schoten er ondertussen allerlei soorten lichtkogels tussen door. En na veel oefenen lukte het hen eindelijk de hei in de brand te schieten. De brandweer had ‘t echter in 2 minuten geblust. Donderdag 23 feb. 1961. Vandaag bleef de GCA er uit dus colorstate Red, ook omdat er mist hing. Tussen de middag werd de basis bezocht door de Vice Marshall van 2 ATAF, voor een inspectie. Vanmiddag, 3 man wezen schieten voor de vijf-kamp. Verder is de dag doorgebracht  met vliegtuigherkenning en navigatiekaarten maken. Vrijdag 24 feb. 1961. We begonnen vanmorgen met Red te zijn, tot half twaalf. In die tijd werd er weer vliegtuigherkenning gepleegd. Om half twaalf gingen de eerste kisten er uit. Ondertussen waren er 2 sorties voor “Tempo Bello” gecanceld omdat de weersverwachting te slecht was onderweg. Toen in de middag de standby kist geïnspecteerd werd door de vlieger, vielen ineens de pylontanks eraf. Ze gingen nog lek ook. Gevolg ‘n peutplas, die de brandweer echter gauw “overschuimd” had. Er was een “beetje” brandstof over de taxi track gelopen waar juist een Canberra over aan kwam taxiën. Door de Canberra hard tegemoet te lopen en met zijn armen te zwaaien wist de Kapt. Gijsen te bereiken dat deze kist juist op tijd voor de plas stopte (10 meter). Toen de meeste peut weggezogen was konden de Engelsen hun kist weer starten en verder gaan. Om 17:00 uur gingen de meesten met long weekend. Maandag 27 feb. 1961. Colorstate gehele dag; Green. Er was nachtvliegen geplanned, zoals zo vaak, maar werd helaas gecanceld. Ondanks de “rochels op de range en de zakken op het IJsselmeer” had onze Sqn. Cdt., de majoor Oonincse 157 hits. Donderdag 2 mrt. 1961. Er had weer iemand een klapband, d.w.z. zijn kist. Het planned flying werd een beetje uitgedund due to het kleine aantal toegewezen uren door het JOP. We hadden zo lekker kunnen hakken vandaag. Maandag 6 mrt. 1961. Eindelijk weer iets bijzonders. Er is nogal goed gevlogen vandaag 30:56 uur totaal. Hierbij waren sorties A/G, het aantal hits wordt steeds groter vooral als het white-weather is. Het gerucht gaat hier, dat je op een RF best 2:30 uur kunt maken. Men is nu met het bewijs bezig. Dinsdag 7 mrt. 1961. Ook nu weer de hele dag zomerweer. De nav-room heeft een nieuwe aanwinst in de vorm van een nieuwe navigatietafel. Hier en daar werd 306 bezocht door CLS mensen, deden overigens geen kwaad. Woensdag 8 mrt. 1961. Men kwam vanmorgen opmerkelijk rustig van de briefing terug: geen “herkeningsgeluid” weerklonk toen men de hangar inkwam, zelfs niet van een bekende sport-sergeant-vlieger men sloop geluidloos de crew-room in, om er om 12 uur weer uit te komen om in de Mess te gaan eten. De mist bleef maar hangen. Enkele enthousiastelingen zijn vanmorgen echter toch nog druk met kaarten bezig geweest op de nieuwe nav tafel. Vanmiddag werd er gesport en zag men een Duitse film over spionage op het vliegveld. Om 16:32 Z uur begon de zon te schijnen, maar we bleven RED, tot vijf uur toe. Donderdag 9 mrt. 1961. Vandaag zongen we; “zie de zon schijnt door de mist”. Het was zo mooi weer met 1.5 km zicht, maar de GCA was u/s dus konden we niet vliegen. Er werd in de zon gezeten, gevolleyed, gelezen en een briefing gegeven. Er werd ook gevoetbald. Tijdens dit spelletje stond de Lt. Faas rustig op zijn nieuwe nav tafel te plannen, met de rug naar het raam, waar met een harde klap de voetbal doorvloog. Er werd iets misgeplanned en iemand vloekte een klein vloekje binnensmonds en daarna; “hoe kun je dat nou doen Joh”. Iemand van de glasinrichting heeft er toen een nieuwe ruit ingezet. Vrijdag 10 mrt. 1961. De GCA was er weer in, hoera. En kon weer gevlogen worden. Er werden dan ook 14 uurtjes weggehakt. Maandag 13 mrt. 1961. Vanmorgen waren we A-3, dus was er een briefing in de war-room. Om één uur werd de basis actief d.m.v. een codewoord werd doorgeven dat de basis zich in een staat van verhoogde paraatheid moest begeven. Even later gingen de vliegers (met gasmasker, legerhelm en wapen) naar Wing - Ops om gebriefed te worden. Bijna iedereen op de basis loopt met allerlei landmachtspullen aan zijn lijf. Er was zelfs iemand die met de helm op en zijn vingers in zijn oren achter het bureau zat, zijn ABC kaartje te bestuderen.... De administratie wilde in de hangar een schuttersputje gaan graven, wat op (beton) moeilijkheden stuitte. Er waren wel mensen, die in de hangar moesten slapen, o.a. de technische dienst. Dinsdag 14 mrt. 1961. Om half zes vanmorgen waren de vliegers plus een groot deel van het 306 Sqn. al aanwezig op hun afdelingen. In de hangar 3 heeft men de hele nacht doorgewerkt aan de P-10 om hem test-hop ready te krijgen. In de loop van de morgen begon het moraal sterk te zakken, dat kreeg blijkbaar iemand in de gaten want om 3 uur werd het sein gegeven tot einde oefening, (kan natuurlijk ook een andere reden gehad hebben) als beloning voor het harde werken, mochten de “maten” om 16:00 uur af. Woensdag 15 mrt. 1961. De mist hing er weer, dus geen vliegen. Een Duitse intell-man gaf t.b.v. de vliegers een lecture in de briefing-room hier in de hangar. Dank zij de mist kon er in de mess gegeten worden, om 1 uur ging 306 sporten. Om 15:00 uur einde dienst voor 306, omdat aan het “af gaan” gisteren niet veel kwam, omdat er te veel opgeruimd en weer uitgeladen en aangesloten moest worden. Donderdag 16 mrt. 1961. Toen om 08:00 uur de dienst begon was er mist met het zonnetje er door en dit bleef zo tot ongeveer twaalf uur. Op dat tijdstip werden we A-2 verklaard en begon men te vliegen. Ondertussen hadden de vliegers ’s morgens een demonstratie van de roemruchte Sidewinder bijgewoond (kijk nu blaas ik deze lucifer uit en U zult zien, dat er ook op een smeulende kop gereageerd wordt). ’s Middags werd o.a. een Royal Flush training gevlogen, zoals wel vaker voorkomt de laatste tijd. Vrijdag 17 mrt. 1961 Het begon goed vandaag en het bleef ook goed, VIS 5 km en color-state A-2 en later GREEN. Kapitein Gijsen is druk bezig met het bepalen van het gewicht van zijn koffers i.v.m. zijn a.s. reis naar de USA. Twee kisten gingen naar Denemarken i.v.m. “Northern Light” en twee kisten naar Geilenkirchen i.v.m. Roud Robin. Om half twee kwam de P-7 terug van Avio Diepen, er was met plakband een groot doek op bevestigd waarop “Is er nog een bed voor deze jet” en “Of Flying Storage”. Dit in verband met het feit dat er geen plaats meer was op de dispersal points voor de kist. We hebben nu 14 kisten dus voor iedere vlieger een kist (theoretisch). Tegen 16:00 uur kwamen de kisten van Denemarken terug. (De lt. faas ‘s morgens bij het plannen: “hier moet ik een bochtje maken, want daar houd mijn kaart op”) ‘s Avonds werd er met 7 man nachtgevlogen in prachtig helder weer. De sgt. Carton schroefde na de start een paar kilometertjes loodrecht de blauwe hemel in een indrukwekkend gezicht. (Althans voor een leek in het schroeven, zoals ik). Van de enthousiast toekijkende nachtvliegers kwamen de kreten als: “kijk daar eens” en “heeft Carton een biertje op”. Het was voorwaar een schoon gezicht, misschien iets voor in het demonstratieprogramma. Zaterdag 20 mrt. 1961 Een normale dag. Er werd over ons in de krant geschreven. Maandag 20 mrt. 1961. Twee kisten naar Rimini voor Tempo Bello. De Sgt. Carton had treinvertraging en zo ging Lt. Verheul in zijn plaats mee naar Italië met Kap. Adriaens. Om ongeveer één uur hielden we op met vliegen omdat de wind te sterk werd (30 - 40 kts op 220 - 240) later in de middag groeide wind aan tot een klein stormpje, waardoor de twee kisten uit Italië op Eindhoven moesten landen. ’s Morgens werd er weinig gevlogen i.v.m. het beruchte 50 uren streepje op het uren bord. Het max aantal uren per vlieger dit kwartaal is van hogerhand geplanned op 50 uur. Vijf vliegers zijn al over het streepje heen dus kunnen zij officieel niet meer RF vliegen deze maand. Andere kijken iedere dag met argwaan naar het rode streepje op de staafgrafiek, dat langzaam naar “de” streep toekruipt. De kap. Gijsen is voor een paar weken naar de U. States vertrokken naar recce squadrons kijken. We hopen dat hij er een nuttige en vooral plezierige tijd zal hebben. Dinsdag 21 mrt. 1961. De kisten uit Italië die gisteren op EH geland waren, zijn opgehaald. ’s Morgens niet gevlogen, due to het rode streepje. ’s Middags wel gevlogen, 3 Sabres brachten even een bezoekje aan Deelen door hun short aan fuel. Later landde er een Penbroke met Belgische gasten, maar ook deze verdween weer. Colorstate de hele dag, GREEN. Woensdag 22 mrt. 1961. Weinig gevlogen, ’s middags gesport. Donderdag 23 mrt. 1961. 10:00 uur gestart met vliegen en toen de hele dag rustig gevlogen. We hadden weer een journalist op bezoek, die echter niet wazig keek als de vorige. Hopelijk schrijft hij ook niet zo mistig als die andere die kennelijk een voorouder  had die in damesblaadjes schreef. Vrijdag 24 mrt. 1961. Mooi weertje vandaag, weinig gevlogen. Maandag 27 mrt. 1961. Er is vanavond nachtgevlogen. Verder was het de hele dag Green weer maar er kwamen nogal eens een hagelbuitje tussendoor, tijdens welke we dan even Red gingen. Hunters van Soesterberg weken naar Deelen uit en 2 RF’s van ons weken naar SB uit. ’s Avonds was echter iedereen weer op de thuisbasis. Dinsdag 28 mrt. 1961. Een kaart bereikte vandaag de vliegers. Hij is afkomstig uit Hollywood waar de kapitein Gijsen op het ogenblik op vakantie dienstreis is. Wij zijn hem allen zeer dankbaar dat hij ons zo’n zonnige kaart heeft gestuurd in deze donkere dagen voor 306, nu het eerste hakloze tijdperk voor ons aangebroken is. Ik weet zeker dat als een van de nu aanwezige vliegers eens in Hollywood zal komen, hij de kapitein ook een kaart zal sturen (maar dan uit dankbaarheid). Woensdag 29 mrt. 1961. Heel weinig gevlogen vanmorgen. Vanmiddag iedereen naar de Paashaas aan het kijken op Heidekamp, dit was dienst. Als we een voorzichtige schatting maken zien we, dat 90% van de basis dit erger vindt dan de een dag licht, onbegrijpelijk. Woensdag 5 apr. 1961. De tussenliggende dagen zijn geluidloos voorbij gegaan. De vaandrig Bosma keerde terug van 3 maanden ROV, welkom weer op het Sqn. vaandrig. Vandaag is er bijna niet gevlogen, doordat we maar 7 vliegers, en 1 stand-by, hadden.  Jammer van de mooie dag. Vrijdag 7 apr. 1961. We hebben vandaag niet gevlogen, maar wel in de wing Ops bunker gezeten en getaxied, dit laatste i.v.m. de CPX vluchten. Het was er wel interessant, in die stenen kolos, maar niet erg fris, doordat men de ruimte binnen verbouwd  heeft, maar de airconditioning er niet bij aangepast heeft. Sommige mensen schijnen in dergelijke gebouwen merkwaardige veranderingen te ondergaan. De uiterlijke verschijnselen hiervan zijn dat men vuurtjes gaat stoken, kartonnen kokers op de knieën in stukken gaat slaan, op de tafel gaat roffelen en tot nu toe onbekende geluiden gaat uitstoten. De Intell was in dit alles baas boven baas. Een van de heren vliegers zei dan ook heel treffend er zijn potloden, mensen en luitenanten van … Maandag 10 apr. 1961. Weinig gevlogen doordat het weer ’s middag te slecht was. Dinsdag 11 apr. 1961. Eindelijk mocht er vandaag een four-shipper uit, waar het dan ook bij bleef. Een RT-33 heeft foto’s van onze vier kisten gemaakt hoe ze met aerobatics bezig waren. Het zijn prachtige foto’s geworden, zo mooi en van zo’n, interessant onderwerp als men hier zelden ziet (ik wou dat ik er een van kreeg). Om half elf werd met vliegen gestopt i.v.m. de begrafenis van kapitein Viele (verkeersleiding) die enkele dagen geleden onverwacht overleed. Het was ’s middags voor velen van het squadron MLV-en geblazen. Er werd hard gelopen (ook door de vliegers), geklommen en gesprongen, dit allemaal om meer en meer punten te krijgen voor de Generaal Zegers trofee. Op andere punten, (operationeel enz.) waren we toch al het beste squadron, maar op sportgebied zullen we het ook worden, áááh- ha! (om een bekende uitdrukking te gebruiken; deze wordt gebruikt als een soort bevestiging van het voorgaande.) Woensdag 12 apr. 1961. Het enige vluchtje dat vandaag gemaakt is, was een testhop. Vanmorgen bleek het weer te slecht en vanmiddag moest er gesport worden. (er zijn mensen die gymnastiek óók onder sport rekenen). Donderdag 13 apr. 1961. Vandaag fijn gevlogen, 25 uur. Vanavond en vannacht hebben we “topprestatie” geleverd. We waren net zo fijn aan ‘t nachtvliegen toen kwam ineens van boven af iemand roet in ‘t vliegen gooien en werd alles ge-cpx-ed. We hebben gelijk maar zo cpx-missions (Command Post Exercises) gefabriceerd. Om kwart voor twee was de oefening al afgelopen en kon iedereen weer naar huis c.q. op bed gaan liggen. De kapt. Gijsen was net een kwartier terug van de States toen hij al mee mocht doen aan deze lente-oefening, wat ook gebeurde. Maandag 17 apr. 1961. We horen dat er in de verte oefening aan komen gonzen, maar we doen net of we de dreiging van wing-ops niet zien, zolang we nog geen oefening hebben. Helaas konden we vandaag niet vliegen omdat de ene helft van de dag het weer te slecht was en de andere helft de crash-tender afwezig was. Het nachtvliegen werd tot morgen uitgesteld, dan krijgen we er gelijk ‘n oefeningetje achteraan. Dinsdag 18 apr. 1961. Goed gevlogen overdag, verder 2 dusk en 1 night-sortie. We weten al dat we er morgen vroeg uit moeten. Woensdag 19 apr. 1961. Vandaag is dan “Gentleman Relish” begonnen. Wat “relish” is weet niemand, maar ja, dat gaat hier (gelukkig) nogal makkelijk. Om 05:35 begonnen de eerste kisten er uit te gaan. Verder is nogal wat gevlogen vandaag: 62 uur. Ondertussen zitten wij bij wing-ops in de bunker. Donderdag 20 apr. 1961. De oefening gaat nog steeds door; er worden kisten ontsmet, “lost” verklaard, en er wordt met H-bommen gegooid. Er viel er een van 15 megaton boven Apeldoorn en wij leefden hier nog. Alleen waren de kisten lichtelijk besmet. Vanmorgen kon er niet zo erg vroeg met vliegen begonnen worden omdat de GCA verstek liet gaan. Helaas wordt er niet meer geschreven tot dat in september het weer opgepakt wordt. September 1961. Weer is er een gat ontstaan in dit dagboek en het is onmogelijk om het een gat te laten en dan weg verder te gaan.  Sinds 20 april zijn er namelijk nogal wat grotere of kleinere “Highlights” in het 306 leven geweest, om er maar een paar te noemen: Royal Flush, Sassoon, Commandowisseling, bezoeken van pers, Minister de Visser en Gen. Maj. Cox, plaatsing van 4 vliegers bij het squadron enz. Daar ik zelf, Lt. Hobbel, één van dit viertal ben, is het nogal moeilijk het een en ander bij elkaar te krijgen en het logisch op papier te zetten. Het Ops-journaal heeft me al een eind geholpen en met de welwillende medewerking van Bob Verheul en Steef Heijboer zal er t.z.t. over gebeurtenissen waar ik zelf niet bij was, met name de squadron rotatie en Royal Flush, ook nog iets in dit boek komen. Op 28 juni vond de commando - overdracht plaats. De taak van Maj. Oonincse werd overgenomen door Kapt. B v.d. Spek. Dit feit werd gevierd met, uiteraard, een voetbalwedstrijd en wel tussen de vliegers en de MFPS. De stand werd  3-3, waarschijnlijk om goede vrienden te blijven. Van 3 - 7 juli werd in S’berg weer de Nationale vliegersvijfkamp gehouden waaraan dit jaar zelfs door 306 werd deelgenomen. Kapt. Adriaens en Lt. Heijboer hielden de naam van ‘t squadron hoog maar slaagden er niet in hoger te komen dan de op één-na-laatste plaats in ‘t Squadron klassement. Volgend jaar beter, heren? Het eerder genoemde viertal was na afloop van de 5 kamp, om precies te zijn op 10 juli compleet. Elt. Paul (Boskabouter) van Leeuwen keerde na 2 jaar burger te zijn geweest terug naar de (min of meer) militaire samenleving, Vdg. Gerrit Schuur kwam van 315, Sgt. Hans Mulder van 314 en ikzelf van 311 squadron. Inmiddels zijn we allemaal uitgechecked en bezig operationeel te worden. Van 18 tot 25 juli gingen er 6 vliegers van ons naar Toul en er kwamen evenveel Amerikaanse vliegers zolang bij ons. Daarover echter hopelijk later meer. Op de 25e konden we nog net meedoen met Sassoon en dat was te danken aan het feit dat de rotatie ten einde was want er waren niet zoveel mensen meer in Deelen en een groot deel daarvan was nog lang niet voldoende ingewerkt. Kapt. Adriaens, Elt. Verheul, Elt. Faas, Elt. Immers en Sgt. Evers vlogen voor deze competitie. Dat “lest best” zeer waar kan zijn bewees “Big Noise” Willy door de beste missie te vliegen wat de jury er echter niet van weerhield om 306 helemaal achteraan te laten eindigen. Langzamerhand werd het weer toeristentijd en rond de hangar waren alsmaar meer mensen te zien die een move aan het voorbereiden waren. Het is logisch dat je bij zo’n drukte geen tijd hebt om Amerikaanse weekbladen te lezen maar misschien is dit een goed idee voor een volgende verhuizing. Helemaal zonder kleerscheuren kwamen we er niet af want 3 wagens hadden iets dichter achter elkaar gezeten dan achteraf wenselijk bleek, reden temeer om alles aan ons friendly neighborhood Allied Man toe te vertrouwen. In Volkel ging het dagelijkse leven gewoon door. Hans Mulder kwam donker gebrand terug vaneen maand-lange huwelijksreis in Italië. Kapt Themmen kreeg in deze periode toestemming om weer alles te vliegen. Van harte gefeliciteerd, kapitein. “Picture idea of the week” Dit had het boskaboutertje v. Leeuwen. Hij gebruikte namelijk 2 camera’s i.p.v. de geplande left oblique en verschoot de 1000e film. Het feit werd uiteraard gevierd met een paar kratjes bier. Dit is meen ik, niet veel voorgekomen maar doordat Uden nu eenmaal niet veel biedt en “Jos Eikemans”, toch wel lekkere Hamburgers heeft werden de meeste avonden wel in gepaste vrolijkheid doorgebracht. Dit blijkt ook wel uit het feit dat de doorgaans niet buitengewone gulle Jos een “drink nooit water” schilderijtje aan de zo langzamerhand vaste gasten meegaf en hem bovendien de laatste avond hoegenaamd vrijhield. Astamblief. Majoor Herkenrath heeft een stukje met de RF getaxied en beloofde bij z’n terugkomst dat hij een goed woordje voor ons zou doen op de staf. Als ooggetuige kan ik u verzekeren dat hij niet alleen door de warmte zo zweette. Over sterk zweten gesproken, iedereen moest tussen neus en lippen door een paar Livo tests afleggen zoals; hoog en verspringen, 200 meter ‘n maat sjouwen, 4 km hardlopen, kogelstoten, discuswerpen of speerwerpen, zwemmen en torenklimmen. Op deze manier moeten we een eventuele oorlog wel winnen. Door de nogal moeilijke uren situatie werd de bijl niet door iedereen gehanteerd maar slecht gevlogen is er in ieder geval niet. Een paar nieuwelingen hebben het nogal bont gemaakt (35 - dik 40 uur). Kapt. v.d. Spek die als commandant altijd achter ons hoort te staan (en dat ook doet) heeft zich hieraan wat het programma in Volkel betreft niet altijd helemaal gehouden. We zijn nu alweer een paar weekjes thuis en m’n relaas zou weer wat up-to-date zaken (op Royal Flush en de uitwisseling na) ware het niet dat me juist een paar foto’s werden gegeven die zijn gemaakt tijdens bezoek van de Minister van Defensie Z.E. ir Visser. Ik mag en wil u hiervan uiteraard niet onthouden. Van de overgebleven koekjes en sigaretten werd na afloop door ons dankbaar gebruik gemaakt. Squadron rotatie 18-27 juli 1961. Deelen – Toul. Op de 18e vertrokken 6 vliegers en 4 kisten met 15 man T.D. naar Toul. De 6 vliegers waren; kapt. Adriaens, elt. Van Engelen, Verhenk, Immers, tlt. De Jong en vdg. Bosma. De Friendship die de 2 niet zelf vliegende vliegers, de T.D. en bagage vervoerde werd niet verwacht op Toul met het gevolg dat de ontvangst nogal koel was aanvankelijk, namelijk door gewapend personeel. Het misverstand werd natuurlijk rap uit de  wereld geholpen zodat de officiële ontvangst in de verschillende messes normaal kon doorgaan. Er werd veel gevlogen want het weer was constant goed. Zo goed zelfs dat er vaak maar 200 m2 in de bakken kon om de take off gross weight laag te houden, andere factoren die hierbij tegenwerkten waren de slope-up van de baan en de safeland-barrier. De turn around time van de “one-o-wonders” is nogal lang, 3 uur en om toch aan hun uren te komen moeten de Amerikanen per trip 2.20 uur maken, ze doen dit L.H of H.L.H (low high, high low high). De drie-nul-zessers wilden dit trainingsprogramma volgen en vlogen de trips L.L. omdat de targets toch niet ze ver weg lagen. Op een vogelaanvaring en een over-temp na is er wat de kisten betreft niets voorgevallen. Dit voor wat betreft het officiële gedeelte van de rotatie. Uiteraard was de tijd buiten de diensturen even belangrijk zo niet belangrijker. De geplande weekend trip naar de Riviera kon niet doorgaan doordat de C-47 op stand-by moest. Deze schade is, naar de verhalen te oordelen, snel ingehaald in Metz en Nancy. Een paar lui hebben hier nog wat relletjes meegemaakt die toch nogal frequent voorkwamen in verband met de Algerijnse kwestie. Kapt. Adriaens en Bob Verheul onderbraken hun verblijf daar één dag om voor Sassoon te komen vliegen. Het is overbodig te zeggen dat er door de Hollanders veelvuldig en gretig gebruik word gemaakt van de PX. Op de 27e keerde het suiltje terug, wat niet zelf vloog per C-130 De groep gasten die op Delen kwamen bestond uit 6 vliegers, 1 T.O. een intell officier die eigenlijk niet bij hoorde maar die toch een tik had. De heren brachten 30 man T.D. mee en een Hercules vol onderdelen en gereedschap. Men scheen trouwens wel wat te verwachten want er waren zelfs 2 reserve motoren. Bij het binnen taxiën hadden 2 van de 4 RF-101’s hun IRF-probe uitstaan met daaraan een Nederlands vlaggetje. De wind zorgde er echter voor dat ze onzichtbaar waren voor ons. Jammer, het was een aardige attentie. Wat het operationele gedeelte betreft valt er weinig te vertellen. Zij vlogen onze missies en gingen daarna nog eens een dik uur hangen om de eerder genoemde 2.20 uur vol te maken. In volmaken schijnen Amerikaanse recce vliegers wel goed te zijn want ze gebruikten film of het wc papier was, hele rollen voor 1 foto, die foto was dan bovendien nog vaak genomen van een paar duizend voet hoogte. De excursie naar Den Haag en Amsterdam die voor het weekend was georganiseerd trok niet veel belangstelling, die 3 officieren en 5 n.c.o.’s die wel meegingen waren na afloop toch wel super-enthousiast over. Uiteraard kon deze uitwisseling niet zonder een paar gezellige avondjes voorbij gaan. Wij gaven een welkomst- pilsje, het was normaal en alledaags biertje maar toch sloeg het wel in, zowel letterlijk als figuurlijk. De Amerikanen deden het nog even dunnetjes over met meegebrachte whisky, rum, wodka, gin en bourbon en de in de stad gehaalde kip en loempia’s. De mess had schalen vol prima snacks verzorgd. Iedereen zou en moest beginnen met minstens één door “Scotty” klaar gemaakte martini. Het recept ervoor zal ik niet geven want gebleken is dat de uitwerking nogal fel en snel is. Goed, over smaak valt niet te twisten maar lekker was het zeker niet. Dit was trouwens wel ongeveer het enige wat niet in de smaak viel. Wat onze gasten wel aan scheen te staan was de hen kennelijk onbekende sambal. Het jampotje was tenminste bijna leeg toen de avond om was. Van 7 tot 15 september 1961 mocht de Luchtmacht zich verheugen in maar liefst 2 oefeningen. De oefening “Check Mate”, een grote Saceur exercise, was behalve als training voor de staven en verschillende centers bedoelt als procedure-booster voor de vliegers. Oefening “Huifkar” had op het eerste gezicht geen enkel nut, op het tweede trouwens ook niet. De bedoeling was dat we naast de Off. mess in een gesimuleerd verspreidingsgebied bleven hangen telkens als we niet in de lucht zaten. Van donderdag 7 op vrijdag 8 moesten de inwoners alvast de tenten en de messtent uitproberen waarna we normaal op week-end mochten. Vanaf maandag de 11e was iedereen geconsigneerd en bijna verplicht zich ’s avonds met drank en kaarten bezig te houden. Er was wel iedere avond een openlucht filmvoorstelling verzorgd door onze onovertreffelijke W.Z.Z. maar het weer werkte wel enigszins tegen. De tenten, zo opgesteld dat het meer op een concentratie-oefening leek, waren ingedeeld volgens het rangorde systeem. Om dus bij voorbeeld wat vliegers bij elkaar te krijgen was het nodig buiten de messes 3 of 4 tenten af te zoeken. De opstelling van de wasplaats en de plasplaats waren er de oorzaak van dat wassen nog wel eens werd vergeten en uit de box gaan tegen een van de vele bomen werd beoefend. “Check Mate” begon maandagavond (11 sept), we moesten dus om een uur of 3 op. Briefing was om 4 uur en rond die tijd begon het ongeveer ook licht te worden. Dit stelde ons in staat te zien hoe Deelen vrij rap dichtschoof. Ten tijde dat de ballon opging waren we dan ook donkerrood, nog niet uitgeslapen en druk bezig met spelletjes bridge en casino. De plaats, tussen haakjes was toen en voor de verdere duur van de oefening Wing-ops. Uiteraard waren we vlak na het eerste ochtendgloren “atomized” en dat stelde een deel van ‘t jet squadron in ‘t vooruitzicht van lange lost-roll-missions. Elf vliegers waren juist in de lucht toen de bom viel en zij verdwenen dus zo vlug als het weer dat toestond naar een live-airfield, Volkel. In de 60 uren die de oefening duurde kwamen we op Deelen wel tot de conclusie dat de staven het erg druk moesten hebben want wij hadden hoegenaamd niets te doen, mede door de zo nu en dan nogal slechte weersomstandigheden weliswaar, maar veel CPX missie’s zijn er nou ook weer niet uitgegaan. Natuurlijk kregen we heel wat gasten, de meeste van Eindhoven en Volkel maar ook een paar lui van Soesterberg. De F-vliegers hadden ook nog niet veel in de lucht gezeten en ze sloten zich dus bij de 306 kaartspelers aan zonder uit hun gewone doen te raken. Enfin, zoals de oefening voor ons al constant was geweest liep hij ook af. Ik heb getracht het d.m.v. een tekeningetje weer te geven omdat al dat geschrijf na een paar weken al niet meer interessant is. Half september bracht ook wat verandering in de gelederen van 306. Allereerst mochten we Frans Immers feliciteren omdat hij beroeps is geworden, kort daarop, nog net op camping Heidekamp kreeg Leo Ramakers, misschien beter bekend onder de naam “lampie” z’n vaandrigsbandjes terwijl ons aller Careltje Carton zich opmaakte om 11 weken op de O.R.O.V. te gaan doorbrengen. Iets wat niet zo om te gillen is, is het feit dat intell baal elt. Jules Zegers in ieder geval voorlopig is overgeplaatst naar de vliegbasis Woensdrecht. Op 19 sept ’61 kwam de sgt. de Kolf vers van de transitie de toch al groeiende gelederen nog wat meer aanvullen. Welkom, de pils komt wel eens. De Generaal Zegers Trofee werd op vrijdag 22 sept. te Eindhoven uitgereikt. Uitslag voor het jaar 1960-1961 Totaal uitslag: 1. 314 sqn. 4822 pnt. 2. 315 sqn. 4660 pnt. 3. 306 sqn. 4493 pnt. 4. 311 sqn. 3798 pnt. 5. 312 sqn. 2961 pnt. Gedetailleerde uitslagen: Uitvoering operationele training. Operationele vlucht: 2de plaats Wapenvaardigheid: 1ste plaats Algemene doelmatigheid: 5de plaats Theoretische kennis: 1ste plaats Grond en Vliegveiligheid: 3de plaats Technische vaardigheid: Vliegers: 1ste plaats Technisch personeel: 2de plaats Pentatlon: 3de plaats Sport: 1ste plaats MIVO: 2de plaats Vrijdag 29 sept. 1961. Ergens mag dit wel een “eventful day” worden genoemd. Kapt. H.M. Themmen, kreeg ’s middags ten overstaan van het hele squadron uit handen van Gen. Maj. Cox z’n tweede tevredenheidsbetuiging. De generaal noemde dit een unicum in de KLu en bood kapt. Themmen daarom een schild aan met het 306 squadron - embleem en een in koper gegraveerd onderschrift. Een en ander kon uiteraard niet zonder drankje voorbijgaan. Om 8 uur ’s avonds zou een squadronfeest worden geopend in ’t Veerhuis te Huissen. Uiteraard werd het wat later maar het feest is begonnen. Kapt. van de Spek stak een openingsspeechje af, bijgestaan door de drummer van “The Riverside Quartet” die met een enorme slag op de bekken het sluiten van, weliswaar wat blikachtig klinkende hangardeuren symboliseerde. De aanwezigen werden welkom geheten en aangemoedigd er een FEEST van te maken. In het bijzonder verwelkomde kapt. v.d. Spek een delegatie van “De Oude Delft”. Een afgevaardigde van deze afvaardiging wilde natuurlijk even bedanken maar dat was niet de enige reden waarom hij op ’t podiumpje klom. Men had in Delft besloten het op enkele dagen na 8 jarige 306 te adopteren. Om dit d.m.v. iets tastbaars te bevestigen kregen we een keurig tv apparaat. Als antwoord hierop bood de Sqn. Cdt. “onze” optische industrie het squadronschildje aan en dáár moest op gedronken worden. En dat werd er natuurlijk ook. Als extra was er een tombola met enkele aardige gebruiks en verbruiks voorwerpen. Jammer genoeg viel het een beetje op de achtergrond door de verschillende gelegenheden om een natje te gebruiken, stapels aanwezige bleven zo een beetje “moven” van de ene bar naar de andere. Dit echter deed allerminst afbreuk aan het feest. Op maandag 2 okt. kwam de eerste beloofde nieuwe flight-leader, de kapt. de Jong, Elt. Bemeker was nog bezig aan de F-transitie. 306 begint op de Off. Mess te lijken voor wat betreft het aantal nieuwe gezichten. De week van 9-13 okt. bracht de oef. Spearpoint, een weddenschap met het bedrijfsbureau, afscheid van Kees van Enfen en de lang verwachte 2e flight- leader. “Spearpoint” was een oefening van de Britisch Army in Duitsland waaraan wij voor spek en bonen mochten meedoen. Meer dan route-recce’s kregen we niet en als we dan trots iets gezien te hebben keurig gecodeerd onze bevindingen doorgegeven kwam er óf een smekend “repeat” óf een zo definitief “roger” van ATC Fort Honse dat het niet begrepen er dik op lag. De 2e dag moesten we toch maar in Plain Language reporten. Het is zelfs zo erg geweest dat, terwijl een collectie high-brass stond te kijken een 306 four-plane een napalm attack moest uitvoeren. Farce! Met de weddenschap kwamen we er beter af. Kapt. Zeeman vond het wel erg stug dat we ‘n één week 120 uren op zouden vliegen. Hij zette er een kratje op. Om hem te tonen hoe dom dit wel was maakte kapt. Adriaens bij het 120 uur een pass over b.b… op donderdagmiddag. Natuurlijk kwam het kratje, getuige de foto’s. De vliegers crew-room zette er wat pils bij om de overwinning met de t.d. te kunnen vieren. Het afscheid van Kees van Engelen werd geen groot feest, hoe kan het ook. Iedereen was kennelijk te zeer onder de indruk van het verdwijnen van onze foto- officier. Kees, veel succes bij de Papoea’s, laat eens wat van je horen. Uit een DO uit 1961. Aangezien ik persoonlijk een hekel heb aan het houden van grafredevoeringen en omdat ik functioneel verplicht ben om zoveel mogelijk nodeloos werkverzuim (o.a. wegens verpleging in hospitalen) te voorkomen maak ik bij deze bekend dat het mijn dringende wens is dat vliegbasispersoneel bij het berijden van rijwielen of bromfietsen op de openbare wegen tijdens slecht-zicht hem wettelijk voorgeschreven verlichtingsmiddelen ontstoken hebben. In voorkomend geval zal, bij niet nakoming van bovenstaande bepaling resp. wens door mij de vergunning om de Vliegbasis Deelen en/of de Kop van Deelen met het betreffende vehikel te berijden worden ingetrokken, onverminderd een eventuele krijgstuchtelijke afhandeling. De commandant vliegbasis Deelen. Met de laatste paar maanden van het jaar is het slecht-weer programma weer aan het opleven. Lesjes, briefings en  testjes (al is het niet als zodanig bedoeld) zijn nog wel niet aan de orde van de dag maar er is al een zekere regelmaat in waar te nemen. Even vaak worden de meesten eraan herinnerd dat we er weleens wat aan mogen doen en niet alleen door de “andere (betere) ik”; zo links en rechts komt er al eens een opmerking van kapt. Gijsen over de kaarten, speelkaarten wel te verstaan. Dit slechte weer bestond echter niet alleen met mist e.d. maar ook uit o.a. nogal uit de kluiten gewassen windkrachten wat dus weer een ongeëvenaarde haklust opwekte bij de Delta-plan vliegers; hoe kan het ook anders... allemaal non JOP uren. November was al niet veel beter dan oktober, en niet alleen wat het weer betreft. Op de 7e verloren de vliegers met 3-4 van een lijn-voetbalelftal. De Duitsers van Eggebeck die ons 3 maal met een groepje van 3 vliegers bezochten sloften natuurlijk evenmin, sommige sloften maar eens  zelfs helemaal niet. December gaf een paar lichtpuntjes al was het dan niet in het weer. Op een van de eerste dagen van deze maand moest het squadron aantreden in de hangar. Majoor v.d. Spek klauterde op een grote ladder en praatte een paar minuten vol zonder veel te zeggen. Voor de niet insiders, en dat waren er nogal wat, bleek de reden hiervan toen de wagen van de basiscommandant binnen kwam om St. Nicolaas met een knecht af te leveren. Dirk Faas en Willy Evers deden het best. De meute verhuisde naar de lijncantine waar een aardig feestje werd bebouwd, uiteraard met veel pils en pepernoten als snacks. Dirk, sorry, Sinterklaas, had voor velen een raak woordje. Rond deze tijd begonnen ook de Kerst en Nieuwjaarswensen binnen te stromen waarvan hier enkele volgen. Zoals u ziet lieten zowel mensen die persoonlijke banden met 306 hebben of hadden als mensen die in ruimer dienstverband met ons hadden samengewerkt van zich horen. Uiteraard verlieten ook heel wat kaarten hangar V. Zo veel zelfs dat er geen over was voor dit boek, wat jammer is omdat de kaart gesierd met een foto van een RF boven Noorwegen (copyright Steef Heijboer) zeer de moeite waard was.  

306 Squadron

Videre Vincere Est

2de niveau onderhoud aan de P-13 Thunderflash. De Commandowisseling Foto’s er wordt niet vermeld wat er precies gebeurd is. Tekst bij de foto “small birds are so stuborn”.
Het 1961 Royal Flush team vlnr: 1e Lt. Faas, Sgt. Evers en Vdg. Heyboer.
Wim Valstar was in 1961 Dpl. Sld hulp-fotograaf. Tientallen prachtige foto’s en zijn verhaal zijn hier te lezen en te zien. Home Startpagina 1962
Dankzij Wim Valstar heeft deze pagina toch nog de Kerstkaart.